Amsterdam Pipe Museum
$('#mast1').cycle({
			delay: 1000,
			speed: 3000
		});
$('#mast4').cycle({
			delay: 2000,
			speed: 3000
		});
$('#mast7').cycle({
			delay: 0,
			speed: 2000
		});
$('#mast10').cycle({
			delay: 2000,
			speed: 2000
		});
home > thema's > franse figurale pijp

Nomenclatures

Naam-en nummerlijsten

De grote Franse pijpenfabrieken kenmerken zich door een strakke bedrijfsorganisatie en dat was nodig om de geweldige omvang van de fabrieken economisch verantwoord te laten functioneren. Die fabriekmatige aanpak blijkt uit alle facetten. Zo was er sprake van een sterk gestandaardiseerde productie met een duidelijke verdeling in kleirecepten, een overzichtelijke indeling van de producten in series en een wijze van marketing en prijsberekening volgens heldere economische lijnen. Niet verwonderlijk dat de pijpenfabrieken hun assortiment ook overzichtelijk hadden ingedeeld. Daarbij maakten zij gebruik van een zogenaamde nomenclature, een nummerlijst ter registratie van de pijpmodellen.

In de nomenclature krijgt iedere pijp een uniek modelnummer dat onlosmakelijk met dat pijpmodel verbonden is en ingeschreven staat in het modellenboek. Bij de ordening van het vormenbestand, de berekening van de productiekosten, de registratie van de lonen en de voorraadadministratie maar ook bij de verkoop hanteert men dat modelnummer. Ook buiten de fabriek bijvoorbeeld naar de groothandel en naar de detailhandel fungeerde het modelnummer als een referentienummer voor adequate correspondentie en bestelling. Omdat veel modelnummers ook op de pijp zelf voorkomen, kan zelfs de consument hieraan refereren.

Het mag dus duidelijk zijn dat de nomenclature voor de organisatie van de pijpenfabriek van groot belang is geweest. Tegenwoordig is dezelfde nomenclature nog altijd de beste wijze de producten van een fabriek in te delen. De overgeleverde informatie uit de nomenclature brengt ons op de hoogte van de oorspronkelijke benaming van de pijp en is daarmee vaak de determinatie van de voorstelling. Het aantal persvormen van een bepaald model informeert ons over de productieomvang van indertijd, terwijl we dankzij prijslijsten een inzicht krijgen in de prijsontwikkeling door de tijd en de prijsverhoudingen op een zeker moment.

Doorgaans is de modellenlijst chronologisch van opzet: nieuwe nummers worden achteraan bijgeschreven. Wel worden nomenclatures vaak pas ingericht wanneer de fabriek al een zeker assortiment voert en er behoefte aan een eenduidige ordening ontstaat. Dat kan al bij één of twee dozijn modellen zijn geweest, maar ook pas bij een paar honderd. Verder moeten we er bij de nomenclature altijd op bedacht zijn dat op een later tijdstip voor een nieuwe indeling is gekozen. Om die reden vinden we het oudste bezit van de fabriek dus lang niet altijd op de lage modelnummers maar heeft in een latere tijd een herschikking plaatsgevonden. Soms kunnen we deze aanpassingen in de lijst herkennen. Het chronologische deel van de nomenclature geeft ons de mogelijkheid de ontwerpdatum van dat pijpmodel vrij nauwkeurig vast te stellen. Veel ingewikkelder is het om iets over de productieperiode te zeggen ofwel het tijdvak waarin een bepaald model in de maak was is. Vaak vraagt dat een gedegen inzicht in het modebeeld en de marktvraag.

Bij dit artikel zijn de nummerlijsten van enkele Franse fabrieken opgenomen om zo ordening te bieden in de veelheid aan modellen en een beter inzicht in de productie van de bedrijven te geven. Per fabriek is een groot verschil aan informatie zichtbaar. Soms zijn de nomenclatures redelijk compleet en zelfs voorzien van de officiële naam van het pijpmodel. Dat geldt bijvoorbeeld voor Gambier en Gisclon. In andere gevallen moest de lijst worden gereconstrueerd aan de hand van bewaard gebleven pijpen. Bij slecht gedocumenteerde fabrieken is de lijst zeer summier, omdat er weinig materiaal is overgeleverd terwijl de voorstelling op deze pijpen zelf niet nader te duiden is. Een gelukkige vondst in de toekomst van een catalogus of ander archiefstuk zou die leemte kunnen invullen.