Amsterdam Pipe Museum
$('#mast1').cycle({
			delay: 0,
			speed: 3000
		});
$('#mast4').cycle({
			delay: 2000,
			speed: 3000
		});
$('#mast7').cycle({
			delay: 0,
			speed: 4000
		});
$('#mast10').cycle({
			delay: 2000,
			speed: 3000
		});
home > thema's > franse figurale pijp

Pijpen met fantasie uitbeeldingen

Landen en volken

Voor een figurale tabakspijp is de categorie volkstypen en drachten uit de eigen regio of andere delen van de wereld altijd een inspirerend onderwerp geweest. Het lijkt erop alsof kenmerkende typen schijnbaar willekeurig gekozen zijn voor uitbeelding in een pijp maar dat is niet zo. Landstreken binnen Frankrijk met een karakteristieke klederdracht lenen zich voor een pijp wanneer daar een reden voor is. Gebieden die in een pijp voorkomen zijn Baskenland met le Basque ook wel le Béarnais genoemd, de laatste letterlijk een inwoner van de plaats Béarn, waarvan de aanleiding tot productie een Franse komedie was. De grisette Bordelaise is een ander lokaal type, bedacht om aan een komedie uit het jaar 1843 te refereren. Een wel heel specifieke uitbeelding is la Cauchoise, een vrouw met een bijzondere kanten muts alleen in de stad Chaux gedragen. Bij deze pijp ontbreekt de referentie naar de actualiteit nog. Andere voorbeelden zijn de Elzas en de Lorraine, waarvan de uitbeeldingen gelanceerd werden als een politiek statement voor het verlies van dat gebied aan Duitsland. In de meeste gevallen bediende men met de verkoop later een algemeen publiek, zoals ook bij andere pijpontwerpen gebeurde.

Naast Franse regionale typen zijn enkele Europese volken of lokale drachten in pijpen uitgevoerd. Sommige personen zijn goed getroffen en stemmen overeen met het beeld dat wij van ze hebben. De Schot aangeduid als l'ecossais en le tyrolien als Tiroler man zijn daarvan mooie voorbeelden, zij laten landstypen zien in hun kenmerkende kledij. De Engelsman ofwel anglais is eerder een Dickensgerelateerde uitbeelding met een bespottende ondertoon. Andere ontwerpen zijn sterker regiobegrensd al zijn zij soms minder karakteristiek. De man uit Napels bijvoorbeeld, le napolétain is eerder een vrolijke kop dan dat hij de associatie aan een bepaalde stedelijke verschijning oproept. Bij andere uitbeeldingen overheerst de historische weergave, zoals de Vlaming officieel le flamand, de Venetiaanse Doge aangeduid als Doge of de Gallische strijder met vleugelhelm genaamd Gaulois.

Een geslaagde karakterkop is le Grec, de uitbeelding van een Griek in de sfeer van de klassieke oudheid met aan de onderzijde van de portretkop een soort Medusakop. Deze pijp moet geïnspireerd zijn op Les Orientales, een bundel poëzie van Victor Hugo, verschenen in 1829. Aansluitend op deze voorstelling werd ook een borstbeeld van la Sultane ontworpen waarmee een prachtig paar ontstond dat als ook zodanig in de gedichten figureert. De vrouwelijke versie verkocht echter minder goed en verdween na enkele jaren uit het assortiment. Naast de grote Griek produceerde Gambier ook de petit grec, een pijpenkop van standaardformaat met een prachtige uitbeelding van een persoon die overigens evengoed een ander ras zou kunnen verbeelden. De meest exotische Europese volksuitbeeldingen kunnen we lastiger duiden, zoals de Armeniër en de Montenegrijn omdat hun voorkomen ons niet vertrouwd is. Dankzij catalogi en de nomenclatures van de fabrieken is de juiste identificatie mogelijk.

Als uitbeeldingen voor land- en volkstypen in een pijp bestaat vooral een voorkeur voor verschijningen uit verre vreemde landen omdat die het meest tot de verbeelding spreken. Allerhande lokale drachten, vaak geuit in wonderlijke hoofdbedekkingen, lenen zich bij uitstek voor een brede variatie. Dat geldt zowel voor Noord-Afrikanen die populair waren vanwege de kolonisaties in die streken, als voor negertypen uit donker Afrika of lieden uit het Nabije en Verre Oosten. Merkwaardig genoeg hebben de Franse pijpenmakerijen nauwelijks belangstelling voor karakterfiguren uit Noord- en Zuid-Amerika gehad. Zij zijn absoluut ondervertegenwoordigd hetgeen hoogst verwonderlijk is. De uitbeelding van een Indiaan in combinatie met het roken lijkt toch een toepasselijke voorstelling; lag deze te zeer voor de hand of was de oorsprong van de tabak inmiddels vergeten?

In plaats van Indianen blijken Turkenkoppen een genre dat meer tot de verbeelding spreekt. Zij bekleedden een belangrijke positie in de tabakshandel en werden vaak als uithangteken voor de tabakswinkel gebruikt. Naast algemene portretten, gekenmerkt door lange baarden en een tulband, zijn er specifieke uitbeeldingen. Zo laat le vieux turc een oude turk zien en le turc à lunettes draagt een bril. Een prachtige ontwerp is de zittende Turk van Blanc-Garin genaamd Ali Pacha, een figuurpijp waarbij de voorgestelde uit een langgesteelde pijp rookt, op de Turkse manier. De stap van Turken naar sultans, pasja's en vergelijkbare typen is niet erg groot en vanwege de minimale verschillen in baardtype en hoofddeksel zal de roker in zijn tijd de veelheid aan voorstellingen zeker niet altijd hebben kunnen duiden.

Aan de Noord-Afrikaanse landen is een breed scala aan karakterkoppen gerelateerd. Reizend van oost naar west komen we l'Egyptien uit Egypte tegen, le Lybien uit Lybië en l'Algérien ofwel de Algerijn. Daarnaast zijn specifieke stammen uitgebeeld zoals le Kabyle ofwel de berberstam, le Bedouin ofwel bedoeïne man als woestijnbewoner en meer algemeen le Chamelier vertaald als de kameeldrijver. Van een specifieke vormgeving is de Arabe marchand: de pijpenkop stelt een geknielde figuur voor achter een zak met koopwaar, een voor menige roker kenmerkend beeld voor de Arabische wereld. Aansluitend daarop bestaat er le Maure, een gestileerde maar fantasierijke Morenkop vermoedelijk van Berberorigine met knopenbaard en historisch hoofddeksel die de pijp een exotische uitstraling geeft. De doelgroep voor deze voorstelling is nog niet duidelijk.

Ook de Afrikaanse neger is dikwijls tot onderwerp verkozen, doorgaans in zijn of haar lokale voorkomen, voorzien van een kenmerkende haardracht of lokaal hoofddeksel. Een voorbeeld is de Zulu-neger met een haarband heel toepasselijk met le Zulu aangeduid, de négresse draagt struisvogelveren rond het haar. Ook negroïde types komen voor die gekleed als Noord-Afrikaan uitgedost zijn met een tulband of sjaal om het hoofd. Voor ons wat hybride zijn de negerportretten met een verentooi alsof het een Indiaan betreft. Later ontstaan negerkoppen zoals de geciviliseerde West-Europeaan ze graag zag vooral in de rol van serviele bediende. Een origineel en verfijnd uitgevoerd ontwerp van een negerhoofd zonder lokale kenmerken van rond het jaar 1900 toont de neger als geaccepteerde westerse burger. Bij deze pijpenkop zijn de raskenmerken uitgebeeld als schoonheidsideaal.

Het Nabije Oosten is zowel vertegenwoordigd met historische types als le Ninivien, de historische inwoner uit Ninive maar ook met eigentijdse uitbeeldingen zoals de pers. Verder naar het oosten zijn le Mougick ofwel de Rus uitgebeeld, le Siberien als inwoner van Siberië en le Kalmouk ofwel de persoon uit Mongolië. Ten slotte wordt het assortiment gecompleteerd met enkele oost-Aziatische types. Ook hier is uit de veelheid aan landstypen en volkeren een bescheiden keuze gemaakt. Tot pijp verwerkt zijn bijvoorbeeld le Chinois, le Mandarin en le Conchinchinois uit Indo-China in een eigentijdse uitbeelding. Een bijzondere schepping is de pijp met dezelfde naam le Mandarin, maar nu geen gewone steelpijp maar een manchetpijp met een hoogte van bijna tien centimeter. In de ketel is een staande Chinese hoogwaardigheidsbekleder afgebeeld, gekleed in historische gewaad van geborduurde stof, een muts met afhangende lap op het hoofd en een waaier in de hand. Je zou kunnen zeggen dat hij een fraai en opvallend operakostuum draagt. Het is vooralsnog onduidelijke ter gelegenheid waarvan deze pijp is gemaakt. De pijp behoort tot de een van de meest merkwaardige ontwerpen en is nooit bij forse aantallen verkocht maar figureerde wel zestig jaar lang als curiositeit in de catalogi.

Duidelijk mag zijn dat de categorie landen en volkentypen het fabrieksassortiment completeren. Door gebruik te maken van sterk uiteenlopende modekenmerken voegt deze groep een onverwachte variatie aan de keuzemogelijkheid voor de roker toe. Daarbij blijkt dat het oudste deel teruggrijpt op culturele of maatschappelijke evenementen, de latere scheppingen appelleren louter aan de belangstelling voor het exotische en eigenaardige.

1

Afbeeldingen 1 / 11

Vrouw met muts uit de plaats Chaux
Traditionele dracht uit de Elzas
Man met Tiroler voorkomen
Zittende pijprokende Ali Pacha
Borstbeeld van een Grieks type
Personage uit Libië in lakenlap
Portretpijp van een Bedoeïne man
Arabier met zak met koopwaar
Het negerportret als geadoreerd ras
Le Cochinchinois als Aziatisch ras
De Mandarijn in historische dracht