Amsterdam Pipe Museum
$('#mast1').cycle({
			delay: 1000,
			speed: 4000
		});
$('#mast4').cycle({
			delay: 2000,
			speed: 3000
		});
$('#mast7').cycle({
			delay: 1000,
			speed: 2000
		});
$('#mast10').cycle({
			delay: 0,
			speed: 2000
		});
home > thema's > franse figurale pijp

Pijpen met fantasie uitbeeldingen

Literatuur, theater en volksliedjes

Een uitgebreide categorie vormen de figurale pijpen gemaakt om een populaire persoon uit de literatuur te illustreren, een theaterrol te verbeelden of zelfs een volksliedje voor te stellen. In feite balanceert deze groep tussen die van de pijpen met bestaande personen en die met fantasie uitbeeldingen. In plaats van levende personen weer te geven vormen nu de karakterrol in een toneelstuk, een operakostuum of boekillustratie de basis voor het portret. Dat er een sterke wisselwerking bestaat tussen de figuren uit deze paragraaf en de uitbeeldingen uit het voorgaande hoofdstuk mag duidelijk zijn.

Dat veel figuurpijpen de hoofdpersoon uit een roman, toneelstuk of opera verbeelden, hoeft ons niet te verbazen. De naam van de karakters en hun rol was indertijd algemeen bekend of in ieder geval tijdelijk in het nieuws. Daarnaast bestonden in de negentiende eeuw voldoende geïllustreerde kranten en tijdschriften waarmee het nieuws over veelgelezen romans en succesvolle acteurs breed werd verspreid. Een figuurpijp van een dergelijke personage was een betaalbaar en aantrekkelijk voorwerp om te laten zien dat je van de culturele actualiteit op de hoogte was. Zo kon je je met een portretpijp als lezer van de laatste romans of als bezoeker van het theater profileren. Niet verwonderlijk dus dat dergelijke pijpen een erudiet karakter hadden, bedoeld voor de culturele bovenlaag.

De vroegste figuraties komen uit de literatuur en zijn ook de meest elitaire. Een bijzondere, bijna gestileerde pijpenkop toont het borstbeeld van Phoebus, een figuur uit de roman Notre Dame de Paris van Victor Hugo verschenen in 1831. Het verhaal over de tabakspijp die teruggrijpt op de roman van Honoré de Balzac getiteld Cathérine de Médicis uit 1841 is nogal ingewikkeld. Dankzij het succes werd dit boek al snel als toneelstuk opgevoerd. Voor het theater was de figuur van koningin Catharina nogal sober: zij droeg volgens de zestiende-eeuwse schilderijen een bescheiden zwarte jurk en een strak hoofdkapje. Haar kleindochter Maria de Médicis daarentegen had een opvallend theatraal uiterlijk en haar portret heeft daarom model gestaan voor het toneelkostuum waarop weer de figuurpijp is gebaseerd. Zo is in feite een vorm van geschiedvervalsing ontstaan al is het resultaat prachtig: een extra grote portretpijp met wijd uitstaande kanten kraag. De bestaande vorstelijke figuur, bekend uit de Franse vaderlandse geschiedenis, wordt dus niet om haar historische betekenis uitgebeeld, maar komt terecht in de sectie theater, die weer voortkwam uit een populaire roman. Dat de firma Gambier toen het toneelstuk niet meer werd opgevoerd, als naam voor de pijp de aanduiding Cathérine in plaats van Maria in de catalogus handhaafde, verbaast ons wel enigszins.

Veel Franse en zelfs vertaalde romans leverden inspiratie voor een pijp omdat de romanfiguren alom bekend waren en de boeken talloze herdrukken beleefden. Inspiratie verkreeg men uit Don Quichotte van Cervantes waarvan de oudste portretpijpen al in de jaren 1830 bij Blanc-Garin ontstonden. Latere exemplaren kwamen bij Dutel-Gisclon tot stand, waarbij zijn trouwe schildknaap en metgezel Sancho Panza ook als pijpenkop werd uitgevoerd. Nu vergeten, maar beroemd in zijn tijd was het boek Le Juif Errant van Eugène Sue uit 1844 dat zelfs internationale belangstelling kreeg en waarvan de hoofdpersoon in een magnifieke portretpijp is uitgebeeld. Andere vroege voorbeelden kwamen al ter sprake: Cinq-Mars en Avocat Patelin. De nors kijkende figuurpijp Bertram le Matelot is ontleend aan een melodrama uit 1847. Sire Franboisy tenslotte is een satirisch theaterstuk dat rond 1855 in het Palais Royal werd opgevoerd en een duidelijke politieke ondertoon had. Van wat latere tijd en ontleend aan de roman l'Assomoir van Emil Zola zijn de twee hoofdfiguren: Mes Bottes en Gervaise. Ook deze roman kwam als toneelstuk op de planken en dat was de aanleiding om hiervan portretpijpen te maken. Eveneens van latere datum is le Brigand.

Het verband tussen literatuur en theater is voor wat betreft de figurale pijpen dus zeer nauw. In veel gevallen gaven niet de romans aanleiding tot een portretpijp, maar was het juist het toneelstuk of de opera gebaseerd op die roman die tot de populariteit van de romanfiguur leidde. In het negentiende eeuwse Parijs was de theaterwereld sterk ontwikkeld en men beschikte er over aparte zalen voor komedie, melodrama en tragedies. De beroemde figuur Faust is gecreëerd door Goethe, maar werd in Frankrijk een generatie later bekend door de komische opera waarin ook Marguerite en Mephistopheles figureren. De Polichinelle is van oorsprong een Italiaanse comedia del'arte figuur maar was evengoed elders bekend. Uit de balletwereld is prins Djalma rond 1860 een vermaarde figuur, al lijkt het er op dat de pijp van deze persoon vermoedelijk al jaren eerder ter gelegenheid van de romanpublicatie is uitgebracht.

Zoals we bij Cathérine de Medicis al zagen, is de historische betekenis van personen vaak ondergeschikt aan hun rol in het theater en is die rol vaker aanleiding om een portretpijp op de markt te brengen. Van Tamerlan bijvoorbeeld, een strijder uit de tijd van Dzjengis Khan, was nooit een pijp gemaakt als er geen toneelstuk over hem werd opgevoerd. Gambier produceerde van zijn tronie zelfs twee manchetkoppen van verschillend formaat. Ook veel andere figuurpijpen beelden een karakter uit een drama uit: Charlotte Corday, kwam als de historische figuur al ter sprake omdat zij met de moord op haar werkgever Marat de Franse revolutie probeerde te verijdelen. Ook hier was de aanleiding tot het uitbrengen van de pijp een theaterstuk. Cromwell, Don Juan, Le Pasha en Singe Jocko zijn andere kaskrakers uit het Parijs van het Seconde Empire. Tijdens de uitvoeringen van deze theaterstukken genoot de pijp als praatstuk grote populariteit om daarna snel van de markt te verdwijnen. Alleen de meer algemene voorstellingen bleven in het assortiment van de fabriek en vonden hun weg naar de minder erudiete roker.

Een cruciale persoon in de meer volkse populariteit van de figuurpijp was Pierre Béranger, wiens portretpijp al ter sprake kwam. Zijn verzamelde chansons bevatten een groot aantal liedjes die in brede kringen buitengewoon geliefd werden. Elk lied heeft één hoofdpersoon die in het refrein eindeloos wordt herhaald, terwijl de coupletten het thema verder bezingen. De hoofdpersoon leent zich bij uitstek om als figuurpijp uit te voeren. Aangezien de gedrukte liedjes zowel losbladig als in verzamelbanden met gravures waren geïllustreerd, had men een algemeen beeld van de hoofdpersoon en daarvan zijn talloze voorbeelden. Zo is Le Sénateur een vrolijk lied dat de serviele houding van de bourgeoisie ten opzichte van de regerende klasse op de korrel neemt. La soeur de charité is de uitbeelding van een van de talloze zusters van goede werken, ook een lied van Béranger, terwijl La garde nationale refereert aan een nationalistisch lied. Le tambour-major is bij Béranger een aanklacht tegen de verheerlijking van het leger in de Napoleontische tijd. In L'Alchimiste wordt de occulte wetenschap aangeroepen om de eeuwige jeugd te krijgen. L'ecrivain Publique, de schrijver voor de analfabeten, is een algemene verschijning maar in het lied van Béranger is hij de vertolker van kritiek op de overheid. Poniatowski, een Poolse generaal uit het leger van Napoleon, wordt kritisch bezongen omdat hij in Duitsland voor de vijand vluchtte en vervolgens in de Elster verdronk. Waar het de populaire liedjes betreft was de doelgroep voor de pijp overigens veel groter omdat dergelijke pijpen een bredere consumentgroep aanspraken.

De literatuur, het theater en het volksliedje fungeerde dus als een belangrijke katalysator van de figuurpijp. Een goedlopende romanpublicatie of een veelbezochte theatervoorstelling waren aanleiding een speciale tabakspijp uit te brengen. Juist om voeling te houden met de culturele actualiteit hadden de meeste pijpenmakerijen een vestiging in Parijs. Deze diende niet alleen als verkoopkantoor maar vooral om uit de mode en populariteit van boeken, theater, opera en liedjes de thema's te selecteren die vervolgens ver weg in de provincie werden uitgewerkt tot pijp. Dergelijke pijpen genoten de belangstelling van het moment, al duurde dat meestal niet lang. Daarna bleven de meest algemene voorstellingen in het assortiment van de fabriek om soms een tweede verkoop als algemeen artikel te krijgen en vaak bedacht de consument daar zijn eigen associaties bij. De link met de actualiteit verdween op dat moment. Tegenwoordig is het onmogelijk alle voorstellingen naar de contemporaine betekenis te duiden, maar de algemene tendens is overtuigend genoeg. De onderwerpkeuze is diep geworteld in het culturele leven met soms een link naar de politiek. In chronologisch opzicht loopt zij van elitair en dus overwegend uitgevoerd als manchetpijp naar volks en dus vaker als steelpijp geproduceerd.

1

Afbeeldingen 1 / 9

Cathérine de Medicis door Dutel
Uitbeelding van le juif errant
Het groteske hoofd van Bertram
Mephistopheles door Gambier
Borstbeeld van Charlotte Corday
Portretpijp van Cromwell
De aap Joko zittend uitgebeeld
De publieke schrijver met bril
Majestueus portret van Poniatowski