Amsterdam Pipe Museum
$('#mast1').cycle({
			delay: 2000,
			speed: 2000
		});
$('#mast4').cycle({
			delay: 1000,
			speed: 3000
		});
$('#mast7').cycle({
			delay: 0,
			speed: 2000
		});
$('#mast10').cycle({
			delay: 2000,
			speed: 2000
		});
home > thema's > franse figurale pijp

Pijpen in soorten en maten

De afwerking

In het marktaanbod van de pijpenfabrikant wordt nog variatie aangebracht door het product op verschillende wijzen af te werken. De meeste pijpen worden in de standaard witbakkende klei geleverd. Hierin bestaan verschillende kwaliteiten. Het verschil zit in de kleur of tint, de porositeit en de stevigheid. Iedere kleimelange vereist een zekere steeldikte en zelfs een specifieke plek in de oven waar de temperatuur iets hoger of juist iets lager is om de vereiste breukbestendigheid te bereiken. Resultaat van de verschillende kleisoorten is dat zij ieder een eigen rookkwaliteit geven. De poreuze, breekbaardere soorten roken milder en zijn vaak prachtig wit. De wat sterkere, grauwere pijpen veroorzaken een wat hetere rook en dus een scherpere smaak. Overigens gaat het om eigenschappen die we optisch nauwelijks kunnen herkennen, behalve wanneer een steeletiket ons daarop wijst.

Naast de witte kleur bestaan er enkele andere afwerkingen. Door toevoeging van kleurstof komt de fabrikant tot een roodbakkende klei die de terracotta kleur benadert. Onder de rokers staan die pijpen bekend om hun extra milde smaak. Helaas is de breekbaarheid ook iets groter. Zij worden pas rond het jaar 1900 populair en maken dan vijf tot vijftig procent van de productie uit. Daarnaast bestaan er zwartgebakken producten. Deze kleur wordt verkregen door de pijpen in de oven reducerend te bakken door ze in houtstof of beenderas te laten smeulen. Vanwege extreme rookontwikkeling kleuren de pijpen diep zwart. Ook de zwarte kleur is bij de Franse fabrieken beperkt gebruikt en vooral rond het jaar 1900. Een heel bijzondere kleisoort is de magnésienne, een poreuze iets rossig getinte witte klei die extra snel doorrookt. Hun afwerking en rookkwaliteit benadert de meerschuim pijp. Dergelijke pijpen worden soms zelfs om het kleuren te bespoedigen in de alcohol gedrenkt en in het donker verpakt. Bij het uitpakken verkleuren deze pijpen, dan aangeduid als electromagique, door blootstelling aan het licht.

Tot slot wordt de gebakken pijp nog nabehandeld. De meest populaire afwerking is het opbrengen van schilderemail. Deze emailafwerking wordt aanvankelijk heel bescheiden toegepast en alleen in zwart en wit. In de jaren 1840 breidt men de emailbeschildering uit tot soms meer dan zes heldere kleuren. Door de tijd heen zien we favoriete kleurstellingen die vaak aansluiten bij het dan heersende modebeeld. Een bepaalde kleur bruin wordt bijvoorbeeld alleen rond het jaar 1900 gebruikt. De emaillering werd pas opgebracht kort voor het moment van verkoop, soms op pijpmodellen die al jarenlang op voorraad stonden. Tussen de productie van de pijp en de emaillering kan dus een aanzienlijke tijd liggen.

De hele pijp kan ook een ander uiterlijk krijgen. De afwerking met warmtebestendige lak is de meest bekende, bedoeld om duurdere materialen te suggereren zoals meerschuimimitatie of houtnabootsing. De calciné-afwerking gaat nog een stap verder. Deze bestaat uit een transparante geelgetinte lak, die rond de ketelopening donkerbruin wordt gebrand om op een doorgerookte meerschuim pijp te lijken. In andere gevallen gebruikt men gekleurde lak of zelfs een dekkende verf om een vrolijk resultaat te krijgen. De meest luxe pijpen zijn de pompadours, pijpen die niet alleen geëmailleerd en gelakt zijn, maar daarna ook nog in details worden verguld. Glazuur als afwerking wordt in de Franse fabrieken zeer spaarzaam gebruikt, dat is meer een Belgische liefhebberij.

Behalve dat de afwerking van fabriekswege kan zijn verzorgd, zijn er in sommige steden kleine werkplaatsen geweest waar op verzoek een emailbeschildering kon worden aangebracht. Hier wordt de pijp vaak van een persoonsnaam of een datum voorzien of op een andere wijze gepersonifieerd. Een heel merkwaardige en typisch negentiende eeuwse afwerking is om pijpen in bronzen, zilveren of zelfs gouden versies af te werken door middel van een elektrolyse bad. Hiervan zijn verschillende voorbeelden bekend, al ligt die afwerking buiten de eigenlijke pijpennijverheid.

Voor alle soorten en wijzen van afwerking geldt dat zij gericht zijn op een luxer voorkomen van de pijp. De extra afwerking leverde voor de fabrikant doorgaans een verhoging van de winst maar ook een breder marktaanbod. De roker kon met zijn gekleurde pijp verbazing en bewondering verwachten en dat gaf hem extra aanzien.

1

Afbeeldingen 1 / 7

Portret in roodbakkende klei
Zwartgebakken pijpaarde
Bruine klei met bronsverf
Gecalcineerde gebrande lak
Beschilderd met meerkleuren glazuur
Meerkleuren galzuur
Goudkleurige electrolyse over klei