Amsterdam Pipe Museum
$('#mast1').cycle({
			delay: 0,
			speed: 2000
		});
$('#mast4').cycle({
			delay: 0,
			speed: 2000
		});
$('#mast7').cycle({
			delay: 2000,
			speed: 3000
		});
$('#mast10').cycle({
			delay: 1000,
			speed: 4000
		});
home > thema's > franse figurale pijp

De Franse figuurpijp in de negentiende eeuw

De Franse klei en het doorroken

De Franse pijpenmakerijen weten zich snel een positie op de Franse en kort daarop ook op de internationale pijpenmarkt te verwerven. Hun succes zit in de uitstekende grondstof die ze gebruiken. De Franse pijpaarde is niet alleen stralend wit van kleur maar levert bovendien een heel poreus product op. Na het bakken zijn de pijpen zo absorberend dat ze het vocht uit de tabaksrook volledig opnemen. Dat levert een groot comfort op voor de roker, die zo een drogere, beter smakende rook tot zich neemt. Dankzij dit gebruikscomfort worden de Franse pijpen buitengewoon populair. Reeds in 1840 vermeldt een Frans woordenboek onder kleipijp als beschrijving pipe d'écume de terre, een verwijzing naar écume de mer, een uiterst poreuze steensoort waar pijpen van worden vervaardigd.

Door de opname van het vocht van de tabak verkleurt de pijp zelf in uiteenlopende bruintinten. Hoe langer je rookt, hoe donkerder de pijp wordt. Dit kleuren en de bijbehorende goede smaak worden door iedere roker zeer gewaardeerd en zo ontwikkelt zich een nieuwe rage: het doorroken. Een diep bruingekleurde pijp staat garant voor een volle smaak en wordt een statussymbool op zich. De pijpenfabrikanten maken hiervoor extra reclame. De Franse firma Gambier bedenkt zelfs een nieuw woord voor de ultieme absorberende klei: terre endosmoïde. Dankzij de zogenaamde endosmose zou de nicotine doordringen in de moleculaire tussenruimtes van de gezuiverde witte klei en geeft zo een smaakverandering aan de tabak. Zij zorgt ervoor dat de wrange, aardachtige geur van een nieuwe pijp onmiddellijk zacht wordt. Omdat de teerstoffen volledig door de klei worden opgenomen, rookt de pijp tevens prachtig door. Een geweldige theorie die heel aannemelijk klinkt totdat je te weten komt dat het woord endosmose geen enkele betekenis heeft.

Talloze fabrikanten spelen in op de verandering van kleur door de witte pijp in de fabriek te voorzien van stipjes schilderemail. De ogen van de figuurpijpen worden met een beetje wit aangegeven, met daarin een miniem zwart stipje als pupil. Andere pijpen krijgen een patroon van stippels en streepjes of er wordt met email een naam op de steel geschilderd. Dit schilderemail dat aangeduid wordt met mille point émail moet worden vastgebrand om voorgoed op de pijp te hechten. Dat gebeurt in een kleinere oven bij een temperatuur van zo'n 400 graden Celsius. Het email valt nauwelijks op als je de pijp koopt, maar na enkele keren roken begint dit af te steken tegen de bruin kleurende pijp. Voor de Franse rokers werd dit een grote liefhebberij en zij gebruikten voor het bruin- of doorroken van de pijp het woord culotter. Rokers onderling deden elkaar allerhande trucjes aan de hand om het kleuren te verfijnen en te bespoedigen. De effecten van het email zijn vaak opvallend goed geslaagd, zowel bij de eenvoudige stipjes op een steelpijp, als bij de ogen, tanden en andere accenten op de portretpijpen. En wat te denken van de witblijvende oogkassen van een doodshoofd?

Nadeel van de poreuze Franse klei is wel de grotere breekbaarheid, zodat pijpen met echt lange stelen niet goed gemaakt konden worden. Dat bleef daarom de specialiteit van de Goudse pijpenmakers. Voor pijpen met een lengte tot een meter werd Belgische en Duitse klei gemengd met een steviger resultaat als gevolg. Qua smaak roken deze pijpen heel anders: door de lange steel koelt de rook wel flink af maar het vocht in de rook wordt nauwelijks opgenomen. Ondanks hun grotere lengte smaken deze lange pijpen uiteindelijk toch minder mild dan de Franse tegenhangers.

1

Afbeeldingen 1 / 4

Pijpenkop die nooit is gerookt
Hetzelfde model na lang gebruik
Ongebruikte portretpijp van Boileau
Gekleurde portretpijp van Boileau