Amsterdam Pipe Museum
$('#mast1').cycle({
			delay: 1000,
			speed: 3000
		});
$('#mast4').cycle({
			delay: 1000,
			speed: 3000
		});
$('#mast7').cycle({
			delay: 0,
			speed: 2000
		});
$('#mast10').cycle({
			delay: 1000,
			speed: 4000
		});
home > thema's > meerschuim

Meerschuim als materiaal

Kleuren van de pijp fabriekswege

De belangrijkste nabehandeling is het koken van de pijp in was of stearine. Deze was dringt in het oppervlak en geeft de pijp zijn glans. De meest luxe afwerking heet double cire, waarbij een gedeelte van de decoratie sterker wordt geïmpregneerd zodat deze stukken minder teer en nicotine absorberen en dus lichter van kleur blijven. Soms wordt de pijp na de wasbehandeling nog nagepolijst met een dot paardenhaar, gevolgd door het wrijven met een wollen doek.

Wanneer de kleur van de pijp tegenvalt wordt deze in lijnolie gedrenkt. Dergelijke pijpen heten oliekoppen. Hun kleur loopt van gelig tot grijzig zelfs donker-roodbruin, soms zijn zij gespikkeld. Tijdens het roken kleuren oliekoppen minder sterk. Sommige pijpen worden voorgekleurd om de status van een aangerookte pijp te krijgen. Heel subtiel hebben deze een gelige tint met rond de ketelopening een bruine rand, bekend als calciné. Opvallend zijn de pijpen die met plantensappen donkerrood worden gekleurd. Vanaf 1860 komt zelfs de effen zwarte meerschuim pijp in de mode. Bij donker gekleurde koppen spreken we van goudron.

Een laatste vinding zijn de néo-goudrons, geen echte meerschuim pijpen maar producten van geperst meerschuimgruis vermengd met verpulverd bruyèrehout. Overigens is het goed te weten dat alle gekleurde pijpen in eerste instantie bijgewerkte oneffenheden of verkleuringen in de steen moeten verdoezelen.

1

Afbeeldingen 1 / 4

De double cire houdt de muts wit
Oliekop met vlekkerig oppervlak
Gebrande calciné afwerking
De zwarte zogenaamde goudron