Amsterdam Pipe Museum
$('#mast1').cycle({
			delay: 1000,
			speed: 4000
		});
$('#mast4').cycle({
			delay: 0,
			speed: 4000
		});
$('#mast7').cycle({
			delay: 2000,
			speed: 4000
		});
$('#mast10').cycle({
			delay: 1000,
			speed: 2000
		});
home > museum > verzamelaars en hun passie

Nawoord

De positie van de handel

Het marktaanbod vervult een belangrijke rol bij het aanleggen van een verzameling. Het bepaalt de keuzemogelijkheid voor de verzamelaar. Dit aanbod is interessant omdat het steeds wisselt, niet alleen in detail, maar ook in groter verband. Dat wordt veroorzaakt door het economische aanbod op een bepaalde plaats en vervolgens door de cirkelgang van de tijd. De kleur die in een bepaalde periode overheerst blijft binnen verzamelingen bewaard maar komt later nooit meer in die vorm terug. In een andere tijd zijn weer andere objecten in de roulatie.

Bij het verzamelen hebben opkopers, handelaren, antiquairs en het veilingwezen altijd een belangrijke rol gespeeld. Door de tijd heen zien we dat de invloed van de vier groeperingen onderling verandert. Dat houdt niet alleen verband met de wijze waarop de handel georganiseerd is, maar ook met de prijsstelling van het object. Tot aan de Tweede Wereldoorlog genieten oude en antieke pijpen weinig aanzien, de uitzonderlijke stukken daargelaten. Zij worden verkocht bij boedelverkopingen of in algemene veilingen. Daarnaast is het een voorwerp voor de uitdragerij, de rommelwinkel en soms de antiquair.

De handel in antieke pijpen krijgt pas gestalte wanneer een beter bestedende groep verzamelaars opstaat. Dan wordt het voor handelaren interessant om zich op dit thema toe te leggen en voor zover het voor de omzet dienstig is zal de handelaar zich verdiepen in de achtergrond, zeldzaamheid en waarde binnen het verzamelaarscircuit. Omdat het belang van de handel altijd winstgericht is, overleeft het voorwerp de verzamelaar, doch gaat de informatie over de herkomst doorgaans verloren. Het aantekenboekje of schriftje met notities dat met veel zorg werd bijgehouden, wordt weggegooid wanneer de voorwerpen naar een volgende eigenaar overgaan. In eerste instantie doordat de verzameling verspreid raakt onder talloze kopers maar ook omdat de handelaar er vaak niet bij gebaat is om deze door te geven. Voor veilinghuizen is het zelfs een beleid niets over de herkomst prijs te geven. Vaak bewust, om de sporen van herkomst, onthutsende prijsstijgingen en andere informatie te verbergen.

Pas vanaf de jaren zestig zijn wij beter geïnformeerd over de positie van de handel. Toen ontstond in het licht van de rage om pijpen te verzamelen de gespecialiseerde pijpenantiquair. Die was overwegend in de grote steden gelokaliseerd. In Amsterdam was Niels Augustin de eerste die de verkoop van oude en antieke pijpen oppakte. In Brussel was dat Josse Vandersteen, die in de marge ook zelf verzamelde. In Parijs was Denise Corbier jarenlang actief in het bedienen van de pijpenverzamelaars en in Londen Brian Tipping en later Mick Clements. Daarnaast bedreven sommige particuliere verzamelaars handeltjes om hun eigen liefhebberij te financieren. Bij enkelen daarvan ontaardde dat meer in handelen dan verzamelen.

De vier gemelde gespecialiseerde handelaren van het eerste uur stopten allen rond het jaar 2000. Daarna heeft het veilingwezen de herverkaveling van collecties grotendeels overgenomen. Speelden kleinere veilinghuizen aanvankelijk de hoofdrol, vanaf 2000 zijn het vooral Christie's en Sotheby's geworden, naast het Parijse Drouot. Dat is niet verwonderlijk want de aangeboden verzamelingen hebben een grotere omvang en een hogere waarde gekregen.

In de eenentwintigste eeuw neemt de omloop van voorwerpen rond de tabak een geweldige vlucht. Meer dan de helft van het mondiale museale bezit aan pijpen en rookgerei wordt in de eerste tien jaar van deze eeuw vervreemd. Dat kon mede gebeuren omdat het juist de tabaksindustrie was die de collecties bijeen had gebracht. Nieuwe wetten maakten het onmogelijk met de cultuurhistorie van het roken te markten, tabaksreclame werd in het algemeen zelfs aan banden gelegd. Bovendien was het tabaksgebruik in een kwade reuk komen te staan. De culturele zijde van het roken had geen marketingwaarde meer en een logisch gevolg is dat bedrijven hun bezit afstoten. Naast de museale ontzameling is er een tweede reden van het grote marktaanbod. De actieve verzamelaars uit de jaren zeventig en tachtig waren oud geworden en gingen over tot verkoop, in andere gevallen deden de erven dat. Door beide bewegingen kwamen tussen 2000 en 2010 meer objecten op de markt dan in de vier decennia ervoor.

De verschijning van de catalogus opgedragen aan een bepaalde verzamelaar of museale collectie, zoals we die vanaf het jaar 2000 zien, luidt ook een nieuw tijdvak in. Deze gedrukte en fraai in kleur geïllustreerde veilingcatalogi worden het statussymbool voor de collectie zoals deze ooit was. Een andere loot die een verschuiving in de handel bracht is het internet. Vanaf het jaar 2000 is dat een platform voor de handel in verzamelaarsobjecten dus ook voor oude en antieke pijpen. Het belang van internet met sites als Marktplaats en Ebay krijgen gestaag een grotere gebruikersgroep waarbij nationale grenzen geen enkele rol meer spelen. De contacten tussen koper en verkoper hebben een mondiale reikwijdte gekregen, waarbij de rol van de antiquair als intermediair geleidelijk wegvalt. Van liefhebber naar liefhebber legt het object steeds grotere afstanden af zonder dat er van tussenhandel sprake is.

1

Afbeeldingen 1 / 7

Verkocht door Niels Augustin
Geleverd door Josse Vandersteen
Aankoop bij Denise Corbier
Verkocht door Denise Corbier
Geleverd door Mick Clements
Aankoop bij Brian Tipping
Verkocht door Brian Tipping