Amsterdam Pipe Museum
$('#mast1').cycle({
			delay: 0,
			speed: 4000
		});
$('#mast4').cycle({
			delay: 1000,
			speed: 3000
		});
$('#mast7').cycle({
			delay: 0,
			speed: 3000
		});
$('#mast10').cycle({
			delay: 2000,
			speed: 4000
		});
home > museum > verzamelaars en hun passie

De museale instroom

De museumcollectie als archief

Talloze tabaksfabrieken bezitten een verzameling historische voorwerpen. De fabriekscollectie van de firma W.D. & H.O. Wills uit Bristol is daarvan een representatief voorbeeld. De basis voor dit historische bezit werd al in de negentiende eeuw gelegd, toevalligerwijs doordat men curiositeiten bijeen bracht. Omdat de fabriek geregeld kleinere bedrijven overnam, bundelde zich het historische materiaal en werd besloten hiervoor een soort archief in te richten, later bekend onder de naam the Wills collection of tobacco antiquities. Daar bevond zich een bonte verzameling van monsters, curiositeiten en souvenirs die zich geleidelijk ontwikkelde tot een heus archief van rokersrariteiten.

Binnen de fabriek kreeg die verzameling langzamerhand de status van een bedrijfsmuseum inclusief een grote bibliotheek. Hoewel het materiaal redelijk geordend gerangschikt was in ladenkasten en op planken in een kamertje in het fabrieksgebouw in Ashton, Bristol, was de openstelling niet georganiseerd. Bezoek kon zich tijdens kantooruren op afspraak melden maar wie daadwerkelijk een kijkje wilde nemen moest toch wel van goede huize komen. Wel diende de collectie van Wills door de tijd heen geregeld als bron voor publicaties. Foto's van hun objecten werden bij wijze van bedrijfspromotie in boeken en tijdschriften geplaatst. Daarnaast werd occasioneel materiaal voor tentoonstellingen uitgeleend.

In 1974 werd een deel van de collectie in het nieuw betrokken fabriekscomplex op de Hartcliffe site in Bristol permanent opgesteld. Dat gebeurde in talloze vierkante perspex toondozen die in de gangen en de kantoren werden aangebracht. Tegen oranje flanel hingen de meest opmerkelijke stukken te kijk, overigens zonder enige toelichtende tekst. Het doel was duidelijk het opfleuren van het kantoorgebouw. De expositie was niet van lange duur, in 1990 werd de Hartcliffe vestiging gesloten.

Tijden van reorganisatie en verhuizingen zijn voor een bedrijfscollectie altijd een bedreiging. Dat gebeurde ook bij Wills. Het materiaal moest Bristol verlaten en werd naar Manchester overgebracht waar het in de kelder van een van de fabrieksgebouwen werd opgeslagen. Op een zeker moment overstroomde deze kelder en pas toen realiseerde de directie zich dat zij een besluit moesten nemen om afstand van het materiaal te doen. Een veiling vond plaats met een charitatief doel voor de opbrengst.

Voor vrijwel iedere verzamelaar en liefhebber van oude en antieke pijpen was die veiling bij The Bristol Auction Rooms in Bristol een openbaring. Er kwam een geweldige verzameling materiaal tevoorschijn waarvan een groot deel tientallen jaren bewaard was zonder ooit gezien te zijn. Een deel van die voorwerpen was nog verpakt in de kleine vierkante perspex vitrines, een ander deel in oude kartonnen dozen, sommige nog met zichtbare sporen van de waterschade. Veel materiaal was buitengewoon verwaarloosd en vuil, soms zelfs tot scherven gebroken.

Op het moment van veilen, in mei 2002, was de belangstelling voor oude pijpen bijna op het hoogtepunt. Dat bleek ook uit de veilingprijzen en het grote aantal bieders. Naast Engelsen boden veel lieden uit Frankrijk en andere landen, persoonlijk of via de telefoon. Vrijwel alle verzamelgebieden oogsten grote belangstelling en navenant hoge prijzen. De keuze van het Amsterdamse museum lag weer in een breed vlak met grote variatie. Helaas bleven de belangrijkste stukken buiten ons bereik, die realiseerden met de internationale aandacht absolute recordprijzen. Wel konden over een brede linie allerlei interessante objecten worden aangeschaft die door de gemiddelde liefhebber niet herkend werden.

Deze museale collectie, die overigens vooral een archieffunctie vervulde, was in de lange tijd van beheer ongemerkt in belang toegenomen. Pijpen die al anderhalve eeuw niet meer op de markt waren doken ineens op. De combinaties van voorwerpen die in 2002 ter veiling werden aangeboden, hadden een belangrijke ensemblewaarde die inzicht gaf in de verzamelactiviteit van het bedrijf zelfs al was dit weinig gestructureerd. Jammer genoeg raakten veel als groepen bijeengebrachte objecten in de talloze wonderlijk samengestelde veilingkavels verspreid. Toch kon voor het Amsterdam Pipe Museum bijvoorbeeld een zeldzame groep Belgische pijpen uit de periode 1830 tot 1850 bijeen worden gehouden. Daarnaast werden andere deelcollecties met interessante stukken verrijkt.

1

Afbeeldingen 1 / 7

Vroege kop met religieus thema
Steengoedpijp uit het Westerwald
Blanc-de-Chine Turk uit Meissen
Ottomaanse pijp met vlechtwerk
Pijp van geslepen agaat en zilver
Pijp van gezaagd rendierbot
Een eenvoudige all-metal kiseru

Collectie
Amsterdam Pipe Museum

Objecten uit de Wills collectie uit Bristol