Amsterdam Pipe Museum
$('#mast1').cycle({
			delay: 1000,
			speed: 2000
		});
$('#mast4').cycle({
			delay: 2000,
			speed: 2000
		});
$('#mast7').cycle({
			delay: 1000,
			speed: 3000
		});
$('#mast10').cycle({
			delay: 1000,
			speed: 2000
		});
home > museum > verzamelaars en hun passie

Omnivoren en specialisten

Eind van een particulier museum

In het Engelse plaatsje Bramber niet ver van Brighton is jarenlang een pijpenmuseum geweest dat bekend stond als The House of Pipes. Eigenaar en exploitant was Anthony Irving, een bevlogen verzamelaar die alles rondom roken vergaarde. Irving was van beroep exploitant van circusartiesten. Hij verhuurde meisjes voor het variété en jongleurs voor rondreizende gezelschappen. Als hobbyist was hij het toonbeeld van de veelverzamelaar: hij kocht alles dat los en vast zat, jarenlang met de sixpence-munt als maximale prijs. In een tijdschrift artikel zien we Irving in zijn huiskamer, de wanden en zoldering behangen met alle denkbare soorten tabakspijpen.

Begin jaren zeventig gaf Anthony Irving zijn droomwens gestalte en opende een eigen museum, gevestigd in een pand waar tot op dat moment een natuurmuseum was geweest. In zo'n twintig manshoge terraria werden nu allerhande rookartikelen geëxposeerd, keurig per thema gerangschikt. Zelf sprak Irving van the biggest show on earth, want het pand huisveste meer dan 25.000 rokersitems uit 150 landen, rijp en groen door elkaar. Een bezoek aan dit wonderlijke museum was meer dan de moeite waard. Niet alleen om de gastvrijheid van de eigenaar, ook om zijn optreden. Met een brede grijns liep hij door de twee lange gangen van zijn museum op en neer en schalde Look high, look low, the more you look, the more you see en dan tegen de mensen persoonlijk: Are you enjoying yourself? Het was een belevenis vanwege de karikaturale verzamelaar zelf, die van zijn museum een complete show maakte.

Zoals opgemerkt waren de vitrines per thema ingericht, ieder met een eigen sfeer. Zo waren de Turkse tsjiboeks op lage horizontale planken uitgezet in lange rijen, terwijl de pompeuze en veelal kleurige glazen pijpen schuins tegen de achterwand van de vitrine waren gespeld, de waterpijpen stonden in een overvolle kast gepropt en hier domineerde een verticaal accent. Naast een veelheid aan gewoon materiaal waren er ook talloze bijzondere trouvailles te zien die de investering van een sixpence zeker waard waren geweest. Op vrijwel ieder verzamelgebied vond je die, soms verscholen in de overvolle vitrines maar voor de kenner voldoende in het oog springend.

Kenmerkend voor Irving als verzamelaar was het zoeken naar het ongewone, in deze geweldige massa rookobjecten leek niets te ontbreken. Als je daar naar vroeg kreeg je als antwoord: I don't know what I am looking for, that is what I am looking for. Het ouder worden van de verzamelaar en een onverwachte inbraak waarbij de meerschuimvitrine volledig werd leeggeroofd waren aanleiding om de zaak op te geven. Niet veel later werd het museum gesloten. In vier veilingen door veilinghuis Phillips in 1990 georganiseerd, werd het grootste deel van zijn bezit uitgevent. Een van de mooiste pijpen uit The House of Pipes Collection is de pasja van Blanc-Garin, een hagelwitte Franse figuurpijp in de vorm van een turkentype, zittend afgebeeld met een lange pijp in de hand. Die werd door het Pijpenkabinet, tegenwoordig het Amsterdam Pipe Museum, verworven samen met enkele tientallen andere pijpen.

1

Afbeeldingen 1 / 7

Franse figuurpijp met Silenus
Portretkop van een Faun of bosgod
De beroemde pasja van Blanc-Garin
Vijfkoppige Engelse kroegpijp
Elleboogvormige pijp uit Iran
Steengoed pijpenkop uit Birma
Keramische opiumdamper uit China

Collectie
Amsterdam Pipe Museum

Objecten uit Anthony Irving's House of Pipes