Amsterdam Pipe Museum
$('#mast1').cycle({
			delay: 2000,
			speed: 2000
		});
$('#mast4').cycle({
			delay: 1000,
			speed: 3000
		});
$('#mast7').cycle({
			delay: 0,
			speed: 2000
		});
$('#mast10').cycle({
			delay: 1000,
			speed: 3000
		});
home > museum > verzamelaars en hun passie

Fascinatie voor klei

Geen maat meer weten

Het belang van een verzameling is niet altijd gelegen in het zoeken en selecteren van het zeldzame, soms ligt dat juist in het conserveren van het gewone. In België zien we dat de tabakspijp als verzamelitem al vroeg in de belangstelling staat. Rokers brengen al aan het begin van de twintigste eeuw een bescheiden verzameling pijpen bijeen, waarbij het eigen rookgerei doorgaans het uitgangspunt is. Bij sommigen ontaardt dat in een ongebreidelde hebzucht. Zo'n verzamelaar was Jean Copin, een man die geen pijp kon laten lopen en dat was ook aan zijn verzameling te zien. Vele honderden gewone rookpijpen uit zijn eigen tijd en de generaties daarvoor bracht hij bijeen. Overigens geen houten pijpen, die werden toen nog niet gewaardeerd, maar klei omdat dat materiaal toen gezien werd als het toekomstige antiek.

De passie van Copin lag bij de gewone kleipijp, niet direct de overversierde versies maar vooral de pijpen die in België zo populair waren. Het gaat om gesteelde pijpen zoals bekers, krieken en boraines. Iedere pijp die hij in de handel tegenkwam, gerookt of ongerookt, werd aangeschaft en keurig in de kartonnen doos naast de andere van dezelfde fabriek opgeborgen. Zo ontstond een verzameling van honderden afgedankte rokertjes, een beetje rijp en groen door elkaar. Toch heeft zo'n verzameling een groot belang: in de kartonnen dozen opgeborgen blijft zo'n groep jarenlang bewaard en krijgt geleidelijk meer ouderdom en daarmee een grotere zeldzaamheidswaarde. Juist omdat het de courante rookwaar betrof, zag niemand er toen de waarde van in. Uit de talloze boedels is dit materiaal gewoon weggegooid als afgedankte gebruiksvoorwerpen en ging zo voorgoed verloren.

Copin droeg graag uit dat hij veel plezier beleefde aan zijn verzameling. In augustus 1954 was hij initiatiefnemer van een tentoonstelling over oude en antieke pijpen in de Vieux Saint-Pierre in Brussel. Hij stencilde zelfs een catalogus met allerlei wetenswaardigheden over het pijproken en de geschiedenis van de pijp. Daarna werd de verzameling weer opgeborgen en incidenteel nog eens getoond. Uiteindelijk raakte het geheel in de vergetelheid om pas bij Copin's overlijden te worden herontdekt. De erfgenamen hadden geen benul van de schat aan pijpen. In 1986 besloten zij deze op zomermarkten en braderieën uit te venten. Copin's zoon en zwager, beiden bouwvakkers, huurden daarvoor een kraam en boden de pijpen vanuit de oude kartonnen verpakking aan. Onder het genot van veel bier en rauwe ham maakten zij van de verkoop een gezellig weekend. Heel merkwaardig was vooral hun prijsstelling: een eenheidsprijs van duizend Belgische Francs voor ieder exemplaar. Hoeveel je ook nam, een pijpje cadeau kon er niet vanaf.

Voor de collectie van het Amsterdam Pipe Museum werden uit deze dozen ruim 150 representatieve exemplaren geselecteerd. Daaronder bevonden zich veel prachtig doorgerookte gebruikspijpen van rokers die al ver voor de Tweede Wereldoorlog overleden waren. Opvallend zijn de prachtige langere krieken en Hollandaises voorzien van effen glazuur of steelopschriften in schilderemail. Het zijn de luxe versies van de gewone gebruikspijp die vanwege hun kwetsbare steel slechts beperkt bewaard bleven. Het belang van de verzamelzucht van Copin is dus vooral gelegen in het feit dat een unieke dwarsdoorsnede aan gerookte kleipijpen bewaard bleef die uiteindelijk een museale bestemming kreeg.

1

Afbeeldingen 1 / 7

Borraine met persoonsnaam in email
Andenne pijp met schip en anker
De vermaarde pipe chauffeur
Pelgrimssouvenir met genadebeeld
Portret van een lachende man
Belgische portretkop met slappe nek
Gebogen model met emailglazuur

Collectie
Amsterdam Pipe Museum

Pijpen uit de verzameling Copin