Amsterdam Pipe Museum
$('#mast1').cycle({
			delay: 2000,
			speed: 2000
		});
$('#mast4').cycle({
			delay: 0,
			speed: 2000
		});
$('#mast7').cycle({
			delay: 1000,
			speed: 2000
		});
$('#mast10').cycle({
			delay: 1000,
			speed: 2000
		});
home > nieuws

Nieuws

Dagboekfragment 8: 19 juli 1977
25 november 2019

Afspraken met mijnheer Brongers vinden altijd in het depot aan de Dorus Rijkersstraat plaats, aan een doodlopende weg achter de machtige Niemeyer fabriek in Groningen. Meestal doet hij zelf open, soms ook de fotograaf Middel, want samen bemannen zij dat laatste huis in die eenzame straat. Het ruime depot is voor de liefhebber een waar el dorado, dus een bezoek is iets waar je je altijd op kunt verheugen. Het gaat er om voorwerpen en hun geschiedenis. Op grote schappen staat letterlijk alles dat niet in het museum te zien is en dat is veel. Brongers is behalve een autoriteit als auteur een eminent causeur en heeft bij alles zo zijn verhaal. Hoewel het voor mij een uitje is, moet mijn gastheer doorgaans nog wat werk doen. Dat varieert van een bruikleenaanvraag klaarzetten tot correspondentie afhandelen en bij dat laatste maakt hij er graag gebruik van om ook aan mij kennis te ontlokken. Voor een verzamelaar die nog niet zo lang onderweg is, is dat een mooie gelegenheid om weetjes te etaleren, maar vooral om informatie op te doen. Voor mij dus heel boeiend om een praktijkmiddag achter de schermen mee te mogen lopen.


Dagboekfragment 7: 6 juni 1977
18 november 2019

De Goedewaagenfabriek is aan het verhuizen. Het immense gebouw aan het Jaagpad was al jaren geleden verkocht en wordt nu in termijnen opgeleverd. De inventaris moet voor het grootste deel weg, alleen dat wat voor de productie in Nieuw-Buinen nog nodig is wordt op transport gesteld. Directeur Aart Goedewaagen nodigde mij van harte uit om uit te inventaris te vissen wat een verzamelaar begeert. Ene Van Schaik is mijn aanspreekpunt en gidst mij door de verschillende ruimtes, ik weet nauwelijks waar te beginnen. In allerlei kratten en kistjes staan voorwerpen opgetast van overjarige ceramiek tot moedermallen en gedemonteerde machineonderdelen. Deze middag zoek ik uit de verzameling merkhoutjes de verschillende exemplaren uit, keurig van ieder voorbeeld één. Op zich is het wonderlijk dat dit historische materiaal na zo'n lange periode van onbruik nog in de inventaris aanwezig is. Het is mij al snel duidelijk dat de Goudse fabriek niet een bedrijf is waar opruimen hoge prioriteit heeft genoten. Natuurlijk komt dat mijn verzamelzucht nu zeer ten goede. Is het kleine gereedschap bij vrijwel alle fabrieken verloren gegaan, van Goedewaagen blijft het dus voor het nageslacht bewaard. Dat wordt vanaf nu mijn taak.


Dagboekfragment 6: 19 november 1975
11 november 2019

Ik was van harte uitgenodigd om een lezing bij te wonen speciaal gehouden voor de supoosten van de Goudse Stedelijke Musea. Initiatiefnemer is Dirk van der Want die als aardewerk- en pijpenfabrikant een grote betrokkenheid bij de geschiedenis van de pijpennijverheid heeft. Zo is het idee ontstaan om het museumpersoneel meer te vertellen over het functioneren van de pijpenmakerij. Bezoekers van de Goudse musea zouden zo beter over de geschiedenis geïnformeerd worden. De lezing wordt in de hal van het fabrieksgebouw gehouden, waar een diascherm en projector staan opgesteld. Na koffie met stroopwafels als welkom barst het betoog los. Dirk van der Want ontpopt zich als een begenadigd en bevlogen spreker met een stem luid en duidelijk en met voortdurend glanzende ogen. Van de eerste tot de laatste generaties pijpenmakers komen aan bod, waarin het fabrikantschap, het belang van het pijpenmerk, de modelontwikkeling en de bestaansstrijd op onconventionele wijze aan elkaar geknoopt worden. De crew uit het museum luistert aandachtig en ik raak overvol van de nieuwe gezichtspunten. En zoals dat hoort met een mannenavond: afgesloten met een jonge uit de fles. Dat brengt de tongen los zodat ik mij moest haasten voor de laatste trein.


Dagboekfragment 5: 18 juni 1975
4 november 2019

De afspraak met Niels Augustin is snel gemaakt om een heuse Pijpenkamer in te richten achterin galerie en kunsthandel Icon aan het Amsterdamse Frederiksplein. Niels is een man die gemakkelijk plannen maakt en met wie het bedenken van activiteiten dus eenvoudig is. Toch valt in de voorbereiding het een en ander wel tegen. Zo'n twintig vierkante meter met kleipijpen vullen is best een opgave als dat begint bij het bouwen van de vitrines, het schilderen en stofferen en daarna pas het feitelijke inrichten. Enfin, vandaag is de opening zoals dat aan de pers in aangekondigd. En natuurlijk, helemaal af is het niet maar het staat er wel fraai bij. De met naturel jute bespannen wanden van het vertrek waarop de contrasterende witte vitrinekasten maken het resultaat bijna monumentaal. De kastinterieurs met groene jute bekleed zijn buitengewoon geschikt voor de witte en gekleurde kleipijpen die heel strak zijn opgenaaid. Verschillende verzamelaars komen langs om te bewonderen en lof te tuiten. Voor nu is de pers belangrijker, die moet voor de bekendheid zorgen. Nou ja, in hoeverre dat zal lukken weet je niet, de meesten zijn journalisten van het huis-aan-huis niveau. Zeer benieuwd wat deze publiciteitsactie de komende week zal brengen.